| |
|
Hongerigen voeden door ds. Bram Grandia
Dat is één van de zeven werken van barmhartigheid. Het woord honger heeft te maken met kwelling, pijn. Voor de meesten van ons is honger een woord van ouders en grootouders (de hongerwinter). Voor Nederlanders onder de zestig is honger nauwelijks voorstelbaar. Wie als kind “ik heb honger” zei, kreeg te horen: ” je hebt geen honger, je hebt trek”. Kamal Markandaya beschrijft wat honger is: “Honger is iets raars. Om te beginnen verlaat de honger je nooit. Hij is er wanneer je werkt en wanneer je slaapt. De honger belaagt je in je dromen. Onophoudelijk is er dat gevoel in je maag waardoor je gemarteld en geteisterd wordt. Hij kwelt je bestaan en die kwelling blijft bij je totdat je doodgaat.(..) Dat lijden verzwakt je en stompt je af . En dat gevoel van afmatting blijft je je hele leven vergezellen” (H. Klijn, Leven met zorg, Kampen 2003 pag.12)
Wereldwijd is er sprake van een enorme honger. Om dat voorstelbaar te maken de volgende tekst: Als de wereld een dorp was… In 1995 werd door de FAO (VN Voedsel en Landbouworganisatie) als doel gesteld dat het aantal hongerenden in de wereld in 2015 gehalveerd moet zijn. Ondanks alle mooie woorden zijn er nog steeds 800 miljoen ondervoede mensen, waaronder 300 miljoen kinderen. Dagelijks sterven 24000 mensen aan ondervoeding. Dat getal blijkt ons niet wakker te schudden. Er is geen sprake van een “internationale strijd tegen de terreur van de honger”.
De internationale strijd tegen het terrorisme eist alle aandacht, alle energie en steeds meer financiën op. De bestrijding van de honger staat veel lager op de wereldagenda.  Hier ligt een heel grote taak voor de mensheid om te putten uit de eigen spirituele bronnen. Voor mij zijn dat de joodse en de christelijke bronnen, maar er zijn er meer.
De Bijbel: een boek vol economische vluchtelingen Het valt me op hoe vaak honger, hongersnood in de bijbel voorkomt. Omdat de zonen van Jacob honger hebben, vluchten ze naar Egypte. Honger is een motief om te gaan trekken. Migratie en honger hangen samen. Als de bronnen
|
|
|
verdroogd zijn, als er niets meer wil groeien, als sprinkhanen als een golf over de oogst heengaan, dan is wegtrekken op zoek naar water, naar groen land de enige weg. Zo trekken nomaden tot op vandaag van land naar land. Talrijk zijn de bijbelverhalen waarin hele families en stammen asiel vinden in een ander gebied bij andere stammen, bij andere volkeren (lees het prachtige boekje Ruth).
Het Onze Vader “Geef ons heden ons dagelijks brood”, leert Jezus de leerlingen bidden. Dat lijkt een eenvoudige tekst, maar is het niet. Uitleggers zijn niet echt uit de vertaling van het woord dat nu wordt vertaald door dagelijks. Ik houd het er op dat het een uitwerking is van de bede Laat uw rijk komen. Waar dat gebeurt, wordt de honger verdreven. De spijzigingsverhalen in de evangeliën maken duidelijk dat Jezus oog heeft voor de mensen die honger hebben en er alles aan doet om die honger op te heffen. De maaltijd is bijvoorbeeld in het Lukasevangelie heel belangrijk. De tafel, de maaltijd is de plek waar duidelijk wordt wie er wel en wie er niet bij horen. Jezus van Nazareth pleit voor open tafels. Hij organiseert spijzigingen voor mensen die honger hebben op het open veld. Het behoort tot het hart van de joodse en christelijke traditie om te pleiten voor “Brood voor de wereld”. Het is de moeite waard om de geschiedenis van de kerk eens te bezien vanuit het oogpunt van het voeden van mensen die honger hebben en het te drinken geven aan mensen die dorst hebben. (Zie de tekst van Maarten Luther)
Kerkgeschiedenis: kerken in actie Wanneer ik nu nog eens blader in mijn oude kerkgeschiedenisboek valt me op hoe zeer dat boek bepaald wordt door de beschrijving van de dogmatische en liturgische verschillen. Alsof de kerkvaders en de kerkmoeders voortdurend met de dogmatiek en de liturgie bezig waren. Nu denk ik soms dat die kerkmoeders en kerkvaders hoofdzakelijk met pastoraat en diaconaat bezig waren en soms eens even als een soort weekendje weg naar een concilie elders gingen om wat op adem te komen en om over de dogmatiek te praten. De grote meningsverschillen ontstonden op dogmatisch- en liturgisch niveau, maar niet zozeer op het gebied van pastoraat en diaconaat. Dat honger onrecht is en bestreden dient te worden, daarover is een grote overeenstemming. Helaas zijn vooral de concilies uitvoerig beschreven, maar over de alledaagse strijd tegen honger en armoede horen en lezen we nauwelijks iets. Dat vraagt om een nieuwe beschrijving van de veelkleurige geschiedenis van de kerk. Al lezend in boeken en brieven van kerkmoeders- en vaders lees ik over talloze hulpacties vanuit de verschillende kerken. Hongerigen voeden en organisatie en planning horen bij elkaar. De kerkvaders konden daar heel concreet over preken. Bijvoorbeeld Johannes Chysostomus, vooral positief bekend geworden vanwege de prachtige liturgie in de Oosters Orthodoxe kerken en negatief bekend vanwege zijn scherpe antisemitische uitlatingen. In het jaar 400 preekt hij als bisschop van Constantinopel over het Handelingen 2: 41-47.
|
|

Honger is onrecht Een van de grote verworvenheden van onze westerse samenleving is dat een menswaardig bestaan tot de grondrechten behoort. Artikel 3 van de Universele verklaring van de Rechten van de Mens zegt: Een ieder heeft het recht op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon. Onder leven valt eten. Honger dient wereldwijd bestreden te worden. Met elkaar hebben we in West-Europa vorm gegeven aan sociale voorzieningen om te zorgen dat mensen niet door de bodem zakken. Dat heeft o.a. te maken met de joodse en christelijke bronnen waaruit het Westen put. De invulling van sociale grondrechten kan niet stoppen bij de grens.
Honger bestrijden, vorm van spiritualiteit Ooit zei de Russische denker Berdjajew: het zorgen voor brood op de eigen plank is een materiële zaak. Het zorgen voor brood voor diegenen die honger hebben is een spirituele zaak. Bestrijden van de honger als een vorm van spiritualiteit. Er is vandaag heel veel spirituele honger. Het is een enorme taak om zoals Paulus schrijft in 2 Kor. 8:14 de honger van de een te verbinden met de overvloed van de ander. Die beweging vindt plaats in het werelddiaconaat van de kerken, in Kerk in Actie. Die beweging vindt plaats in veel kerken in de vastentijd: Hongeren en dorsten naar gerechtigheid. Die beweging zie ik waar mensen zich in Wereldwinkels, fairtrade- en fairfoodbewegingen inzetten. Die beweging zie ik bij de zogenaamde “ anders-globalisten”. Ik noem Bob Geldof met zijn Live Aid, twintig jaar geleden en nu weer. Stuk voor stuk gaat het om mensen en bewegingen die zich niet neerleggen bij “het is nu eenmaal zo, armen zullen er altijd onder ons zijn.” Voor mij ligt hier de basiskracht van de wereldwijde gemeente van Christus. Als het zo is – ook dat is een kwestie van geloof- dat we als mensheid één geheel vormen, dan ontstaat er een leegte wanneer velen jong sterven, een leegte wanneer de honger of verschrikkelijke aardbevingen medemensen teistert en doodt. Wanneer mensen in het Westen doorgaan alsof het allemaal niet gebeurt, ontstaat er een scheiding binnen de wereldfamilie die groeit. Dat doet iets met onze geesten, met onze spiritualiteit. Een spiritualiteit die los komt te staan van onze medemensen die honger hebben heeft geen toekomst.
Liefde, hongerigen voeden is te doen. Huub Oosterhuis heeft dat prachtig verwoord in dit tafelgebed.
Maandblad Mensen van het IKON pastoraat (1-2005) |