IKON maakt gebruik van cookies om de site te analyseren, te verbeteren en om STER-advertenties op de juiste wijze aan te bieden. Lees meer over cookies . Verberg deze balk

 
Weblog 5

Paul Rosenmöller in... China

China van vandaag

schaduw

shcaduw



Deel 5: Zhengzhou en omgeving
Geschreven door Paul Rosenmöller


Luoyang ligt een uur of twee rijden van Zhengzhou. Het is één van de oude hoofdsteden van China. De hoofdstad van het keizerrijk kon wisselen wanneer de dynastieën wisselden. Ik verdiep me in Luoyang in de stedenbouwkundige architectuur. De stad heeft nog een prachtige oude binnenstad, maar er is niet veel meer van over. Een hoogleraar die geboren en getogen is in Luoyang laat mij de verschillende bouwstijlen zien. Het tempo waarmee de oude stad wordt weggevaagd, is schrikbarend. Chinezen houden niet van monumenten. En bovenal hield voorzitter Mao niet van de restanten van het keizerrijk. Zouden ze daar ooit spijt van krijgen? Wat in ‘the good old days’ is gebouwd is in ieder geval heel veel mooier dan de grauwe woonblokken uit de jaren vijftig waarin ik de Sovjet-architectuur herken.

Een oude man laat mij zijn vervallen woning zien. Tientallen jaren geleden is hij hierheen verhuisd, voorbestemd om te gaan werken in de tractorenfabriek even verderop. De vraag of hij vrijwillig of verplicht verhuisde over zo’n grote (duizenden kilometers) afstand begreep hij wel, maar kon hij niet beantwoorden. Hij legde mij uit dat je dat gewoon deed. Hij was er trots op dat ze met een grote groep deel uitmaakten van het socialistische experiment. Als dan, zoals in de jaren zestig, werd gezegd dat je geacht werd daar en daar (in dit geval Luoyang) te gaan werken, kwam het niet in je op daartegen te protesteren. Je ging gewoon, met je gezin. Een mechanisme dat ik tijdens de reis vaker tegen kom. Wat van bovenaf wordt afgekondigd wordt in veel gevallen gewoon gedaan. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de één kind politiek. Ik heb veel mensen gesproken die daar toch vooral de voordelen van benadrukken en geen trucs uithalen om het te omzeilen.

Zhengzhou is de bakermat van Kung Fu. Een razend populaire sport die veel wordt beoefend en een lange traditie kent. Het waren de monniken die eeuwen geleden aan de basis van de sport stonden. Naast al het bidden en mediteren zochten ze een vorm van bewegen. Daaruit is de Kung Fu ontsproten. Een paar honderd jonge kinderen van 4 tot ongeveer 18 zitten er in een soort internaat. Vol overgave laten de jongste spruiten hun kunsten zien. Ze zijn zo lenig als elastiek en combineren techniek en snelheid met kracht en beheersing. Ik blijf op school slapen en doe rond negen uur bij de kinderen het licht uit. Maar ik mag de volgende ochtend ook om half zes de bel luiden. Wat een voorrecht. Ik moet dus ook zélf voor dag en dauw op...

Na het appèl en een eerste pittige training volgt pas het ontbijt, en daarna nog eens de gewone lessen. De ouders die ik spreek zijn uiterst tevreden en trots dat hun kinderen juist deze school volgen. Dat ze die kinderen soms maanden niet zien, is een prijs de ze graag lijken te betalen. Ik zeg ‘lijken’, want het doorgronden van de emoties is één van de moeilijkste dingen in China. Emoties laat je niet zien, die houd je voor jezelf. Een als één van de ouders na weken zijn kind ziet, springt de kleine van een jaar of acht echt niet in de armen van zijn vader, maar aait vader hem even over zijn bol en vraagt of het goed gaat. En alsof het was afgesproken staan ze strak naast elkaar in het gelid, want zo willen ze in beeld komen.